Ga verder naar de inhoud

Loonnorm 2023-2024 en eenmalige koopkrachtpremie

06.12.2023

De regering legt de loonnorm vast op 0% voor de periode 2023-2024. Hoewel een loonstijging niet mogelijk is, krijgen organisaties de mogelijkheid om in 2023 een éénmalige koopkrachtpremie van maximum 750 euro toe te kennen aan de werknemers.

Belangrijke update: de ministerraad keurde een ontwerp van kb goed op 1 december om de uitreikingsdatum te verlengen tot 31 maart 2024.

Loonnorm

Als ondersteuning van de interprofessionele loononderhandelingen, bezorgt het secretariaat van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven aan de sociale partners – de zogenaamde Groep van Tien - een Technisch Verslag, dat de berekeningen voor de maximale beschikbare marge omvat.

Volgens de berekeningen van het secretariaat van de CRB bedraagt de maximaal beschikbare marge 0% voor de periode 2023-2024.

Gelet op het ontbreken van een akkoord onder sociale partners legt de regering conform het verslag van de CRB de loonnorm vast op 0%.

De loonnorm sluit niet alle verhogingen uit…


Bepaalde elementen moet je immers niet in rekening brengen om te berekenen of de loonnorm al dan niet overschreden wordt (art. 10 Loonnormwet):

  • winstdeelnemingen zoals omschreven door de loonnormwet (niet relevant voor vzw’s)
  • loonindexeringen volgens de indexeringsmechanismen zoals omschreven in de bestaande collectieve arbeidsovereenkomsten met betrekking tot de koppeling van de lonen aan het gezondheidsindexcijfer. Je mag de lonen dus nog altijd indexeren bij toepassing van de sectorale cao van 20 maart 1997 (verhoging van 2% vanaf de tweede maand na overschrijding van de spilindex). De cao verplicht je daar zelfs toe.
  • bestaande baremaverhogingen vastgelegd bij collectieve arbeidsovereenkomst. Je mag dus nog altijd loonsverhogingen toekennen op basis van dienstanciënniteit, normale bevorderingen of individuele categorieveranderingen. De verhoging moet wel kaderen in een al lopende regeling (bijvoorbeeld bij bestaande huisbarema’s op basis van functie en anciënniteit) en ze moet bepaald zijn bij cao. Pas je de barema’s van PC 329.01 toe, dan zijn normale verhogingen die daarbinnen vallen, dus nog altijd toegelaten. Of zelfs verplicht als jouw organisatie onder het toepassingsgebied valt van een van de cao's rond baremaharmonisering / loonvoorwaarden.
  • verhogingen in de vorm van een eenmalige innovatiepremie.
  • verhogingen in de vorm van werkgeversbijdragen in een sociaal aanvullend pensioenstelsel. Je mag voor werknemers dus nog altijd een groepsverzekering met werkgeversbijdragen opstarten of in het kader van een bestaande groepsverzekering de werkgeversbijdragen (onbeperkt) optrekken. Meer informatie over de (sociale) groepsverzekering vind je in de syllabus groepsverzekering.
  • De eenmalige koopkrachtpremie zoals bedoeld in artikel 19quinquies, § 5, van het koninklijk besluit van 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.

Daarnaast zijn er ook een aantal voordelen waarvan de FOD WASO heeft bevestigd dat zij evenmin zullen gesanctioneerd worden:

  • loonkostenverhogingen die voortvloeien uit dwingende wettelijke bepalingen, zoals de bijdragen voor risicogroepen en de verhoging van de vormingsinspanningen, en die leiden tot een overschrijding van de loonnorm, tellen mee voor de loonnorm, maar zullen geen aanleiding geven tot een sanctie.
  • verhogingen in de vorm van een niet-recurrente resultaatgebonden bonus (‘collectieve bonus’, cao nr. 90)
  • cao-afspraken gericht op het wegwerken van de loonkloof tussen mannen en vrouwen in het kader van de nieuwe loonkloofwet van 22 april 2012 kunnen eveneens geoorloofd zijn.

De loonkosten omvatten ook niet de vergoedingen voor kosten eigen aan de werkgever. Kostenvergoedingen zijn immers een terugbetaling van gemaakte kosten voor professionele doeleinden.

Een vermindering van de arbeidsduur zonder een evenredige vermindering van de gemiddelde uurloonkosten per werknemer heeft echter tot gevolg dat de loonkosten stijgen. Bijgevolg is dit ongeoorloofd indien het leidt tot een verhoging van de gemiddelde uurloonkost in de sector of onderneming boven de maximumnorm.

Eenmalige koopkrachtpremie

Organisaties die in 2022 een hoge winst of een uitzonderlijke hoge winst behaalden, kunnen in 2023 een eenmalige premie toekennen.

Dit begrip werd niet gedefinieerd in de wettekst. De interpretatie ervan wordt bijgevolg overgelaten aan de sectoren en organisaties.

De koopkrachtpremie neemt de vorm aan van een papieren of elektronische consumptiecheque.

De consumptiecheque moet aan een aantal voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor het voordelige sociale en fiscale statuut, vergelijkbaar met de voorwaarden die voor maaltijdcheques en ecocheques gelden.

Studenten onder solidariteitsbijdrage en werknemers die niet meer in dienst zijn, kunnen hiervoor ook in aanmerking komen.

Vrijstellingsvoorwaarden

De koopkrachtpremie die voldoet aan onderstaande voorwaarden, is vrijgesteld van gewone socialezekerheidsbijdragen, zowel voor de werknemer als voor de werkgever. Er is ook geen bedrijfsvoorheffing op verschuldigd.

De premie is wel onderworpen aan een werkgeversbijdrage van 16,5%, analoog aan de bijzondere bijdrage op de coronapremie.

De koopkrachtpremie moet voldoen aan volgende vrijstellingsvoorwaarden:

  • De consumptiecheque (koopkrachtpremie) mag niet worden toegekend ter vervanging of omzetting van loon, premies, voordelen in natura of van enig ander voordeel.
  • De toekenning wordt geregeld in een collectieve overeenkomst (op sector- of organisatieniveau; in PC 329 wordt geen sectorale cao gesloten) of een individuele overeenkomst. Heeft de organisatie geen vakbondsafvaardiging of gaat het om kaderfuncties die normaal niet door een cao beoogd worden, dan regel je de toekenning in een schriftelijke individuele overeenkomst.
    • In het geval van een sectorale cao moet deze twee definities bevatten:
      • wat wordt bedoeld met een hoge winst in 2022
      • wat wordt bedoeld met een uitzonderlijk hoge winst in 2022
    • In het geval van een cao op organisatieniveau, moet een verantwoording worden toegevoegd dat men een organisatie is waar tijdens de crisis goede resultaten zijn behaald.
  • De beslissing tot toekenning en het ontstaan van het recht op de koopkrachtpremie, moet zich situeren vóór 1 januari 2024 en moet zijn opgenomen in een collectieve of individuele overeenkomst afgesloten uiterlijk op 31 december 2023.
  • De koopkrachtpremie mag ook enkel worden uitgereikt vanaf 1 juni 2023 tot en met 31 december 2023.
    • De ministerraad van 1 december 2023 heeft een ontwerp van kb goedgekeurd dat als doel heeft de datum van uitreiking van de koopkrachtpremie te verlengen tot 31 maart 2024.
  • De koopkrachtpremie is op naam van de werknemer afgeleverd. Deze voorwaarde is vervuld als de toekenning ervan en het totale bedrag van de koopkrachtpremie voorkomt op de individuele rekening van de werknemer, overeenkomstig de reglementering betreffende het bijhouden van de sociale documenten.
  • De koopkrachtpremie kan besteed worden:
    • ter betaling van een eetmaal of voor de aankoop van verbruiksklare voeding, of
    • voor de aankoop van producten en diensten met een ecologisch karakter die zijn opgenomen in de lijst bij de collectieve arbeidsovereenkomst n° 98 gesloten in de Nationale Arbeidsraad (mogelijke producten die kunnen worden betaald met ecocheques).
  • Op de papieren cheques staat duidelijk vermeld dat ze geldig zijn uiterlijk tot 31 december 2024 en dat ze slechts besteed mogen worden voor de betaling van de eerder vernoemde producten. De keuze voor de koopkrachtpremie op papieren drager wordt geregeld via een CAO of bij schriftelijke individuele overeenkomst indien een dergelijke overeenkomst niet op het niveau van de onderneming kan worden gesloten of indien het gaat om een personeelscategorie waarvoor het niet de gewoonte is dat deze door zulke overeenkomst wordt beoogd.
  • De koopkrachtpremie kan geheel noch gedeeltelijk worden omgeruild in geld.
  • Het totale bedrag van de koopkrachtpremie die de werkgever toekent, mag niet groter zijn dan 750 euro per werknemer. Een onderscheid wordt gemaakt tussen een premie toegekend via een sectorale cao of een organisatiecao.
  • In het geval van een sectorale cao:
    • de onderneming die hoge winsten heeft behaald in 2022 kan koopkrachtpremies van maximaal 500 euro toekennen
    • de onderneming met een uitzonderlijk hoge winst in 2022 kan koopkrachtpremies van maximaal 750 euro toekennen.
  • In het geval van een organisatiecao en een schriftelijke individuele overeenkomst, bedraagt het maximale bedrag 750 euro.

Anderen lazen ook dit:

Haard- en standplaatstoelagen vanaf 1 juni 2024

De werknemers van de door de Vlaamse overheid decretaal gesubsidieerde instellingen voor maatschappelijk opbouwwerk hebben onder bepaalde voorwaarden recht op een aanvulling bij hun baremaloon in de vorm van een haard- of standplaatsvergoeding.

Loonbarema’s - indexering op 1 juni 2024

In april 2024 werd de spilindex opnieuw overschreden. Daardoor stijgen alle minimumlonen en werkelijke lonen binnen PC 329.01 en 329.03 in juni 2024 met 2%. In PC 329.01 gelden voor sommige deelsectoren loonbarema's. Wanneer moet jouw organisatie die loonschalen toepassen? Je leest het hier.

Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?

Doe net als +900 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!