Het re-integratietraject 3.0 (RIT 3.0)
De federale regering-De Wever maakt van de re-integratie van langdurig zieke werknemers een speerpunt. Eén van de maatregelen uit het versterkt Terug Naar Werk-beleid is het re-integratie-traject 3.0 (“RIT 3.0”).
Dit is niet de eerste wijziging. In 2022 was er al een eerste grondige wijziging tot het RIT 2.0. De meest opvallende aanpassing toen: de re-integratieprocedure werd losgekoppeld van het beëindigen van de arbeidsovereenkomst door medische overmacht.
Het koninklijk besluit van 17 december 2025 voert een tweede grote hervorming door. In het RIT 3.0 blijven de grote lijnen van het RIT 2.0 behouden, maar er is een nieuwe nadruk op de responsabilisering van de werknemer én de werkgever, mét sancties. En onder het motto “vroeg begonnen is half gewonnen” merken we nog een aantal veranderingen op.
De nieuwe regels gelden vanaf 1 januari 2026. Ze gelden niet voor trajecten die opgestart werden vóór 1 januari 2026.
1. Het begin van het re-integratietraject
Het re-integratietraject kan opgestart worden door 3 actoren:
- je werknemer zelf, van zodra die één dag arbeidsongeschikt is;
- de behandelende arts van je werknemer, als die daarmee instemt;
- de werkgever, van zodra je werknemer één dag arbeidsongeschikt is. Vroeger kon dit pas na 3 maanden onafgebroken arbeidsongeschiktheid. Door de nadruk op vroeg ingrijpen is deze wachttijd afgeschaft. Let op: je werknemer moet hiermee het akkoord gaan! Je houdt dit akkoord best schriftelijk bij; bijvoorbeeld een door de werknemer ondertekend document of een bevestigend antwoord op een e-mail.
Gaat het om een werknemer met arbeidspotentieel? Dan kan je het re-integratietraject ook zonder goedkeuring van je werknemer opstarten.
Opgepast! Tot voor kort was je niet verplicht om een re-integratietraject op te starten. Dit is sinds begin dit jaar veranderd. Voor een werknemer met arbeidspotentieel moet je een re-integratietraject opstarten, en dit binnen de 6 maanden na het begin van de arbeidsongeschiktheid. Deze verplichting is er alleen voor organisaties met 20 werknemers of meer.
Kom je deze verplichting niet na? Dan riskeer je een sanctie van niveau 2:
- een strafrechtelijke geldboete van 500 tot 5.000 euro.
- of een administratieve boete van 250 tot 2.500 euro.
Deze boete wordt vermenigvuldigd met het aantal betrokken werknemers.
Hoe tel ik 20 werknemers? De berekening van deze drempel gebeurt op dezelfde wijze van het aantal werknemers die de werkgevers in vier groepen indeelt; groep A, B, C of D (zoals beschreven in artikel II.1-2 van de codex over het welzijn op het werk). De berekeningswijze vind je terug op p.6 in onze syllabus welzijn.
En hoe zat het weer met dat "arbeidspotentieel"? Dit is een nieuw en belangrijk begrip in de regels over arbeidsongeschiktheid en re-integratie. Het betekent het “veronderstelde vermogen om aangepast werk of ander werk uit te voeren”. Is een werknemer langer dan acht weken ziek? Dan moet je het arbeidspotentieel van deze werknemer verplicht laten inschatten door de arbeidsarts of zijn verpleegkundig personeel.
Let op, de verplichting om het arbeidspotentieel te laten inschatten geldt voor élke organisatie, dus ook voor de kleinere organisaties.
Ter info: bij arbeidsongeval of beroepsziekte kan het re-integratietraject alleen van start gaan op het moment waarop de tijdelijke arbeidsongeschiktheid die voortvloeit uit dit arbeidsongeval of deze beroepsziekte beëindigd is, dus na de zogenaamde "consolidatie". Er kan wél een re-integratietraject worden opgestart indien de erkenning van het arbeidsongeval of de beroepsziekte vertraging oploopt, of wanneer de weigering tot erkenning wordt aangevochten voor de rechtbank.
2. Uitnodiging en re-integratie onderzoek door de preventieadviseur-arbeidsarts
De preventieadviseur-arbeidsarts nodigt je werknemer uit in het kader van de re-integratiebeoordeling.
Sinds begin 2026 is je werknemer verplicht om mee te werken aan de uitnodiging van de arbeidsarts. Doet je werknemer dit niet, dan zijn er gevolgen voor de uitkering en het traject:
- Eerste afwezigheid: gaat je werknemer niet naar de afspraak zonder geldige reden? Dan stuurt de preventieadviseur-arbeidsarts een nieuwe uitnodiging. Tussen de twee uitnodigingen moeten er minstens 14 kalenderdagen liggen.
- Tweede afwezigheid: Daagt je werknemer ook een tweede keer niet op zonder geldige reden? Dan meldt de preventieadviseur-arbeidsarts dit aan de adviserend arts van het ziekenfonds. Je werknemer riskeert dan de uitkering van het ziekenfonds tijdelijk te verliezen.
- Derde afwezigheid: Na drie vruchteloze pogingen stopt het re-integratietraject. De preventieadviseur-arbeidsarts brengt jou en de adviserend arts op de hoogte.
In het kader van deze responsabilisering moet de preventieadviseur-arbeidsarts de uitnodigingen tot re-integratiebeoordeling voortaan via aangetekende zending versturen. De uitnodiging moet ook expliciet vermelden dat - als je werknemer niet op de afspraak ingaat zonder geldige reden - de adviserend arts van de mutualiteit hierover wordt geïnformeerd en je werknemer een sanctie riskeert.
Deze nieuwe sanctie geldt voor de afspraken die ingepland zijn vanaf 1 januari 2026.
Het doel is natuurlijk dat het niet tot een sanctie komt en dat je werknemer aanwezig is op de afspraak zodat het re-integratie onderzoek kan plaatsvinden. Het doel van dit onderzoek is nagaan of je werknemer op termijn het overeengekomen werk opnieuw zal kunnen uitoefenen of niet, eventueel mits aangepast of ander werk.
Indien nodig, pleegt de preventieadviseur-arbeidsarts overleg met de behandelend arts van de werknemer, een specialist, de adviserend arts van de mutualiteit,... Kortom; alle actoren die nuttige informatie en inzichten kunnen bieden. Je werknemer moet hiervoor wel toestemming geven aan de hand van dit formulier van de FOD WASO.
Eventueel onderzoekt de preventieadviseur-arbeidsarts ook de werkpost van de werknemer.
Maakt je werknemer verplaatsingskosten in het kader van het re-integratietraject? Dan ben je verplicht deze terug te betalen.
3. Re-integratiebeoordeling (RIB) door de preventieadviseur-arbeidsarts
Na het onderzoek kan de preventieadviseur-arbeidsarts drie mogelijke beslissingen nemen:
- beslissing A: 'de werknemer is in staat om op termijn het overeengekomen werk te hervatten, en in afwachting daarvan kan de werknemer een aangepast of een ander werk uitvoeren'.
- beslissing B: 'de werknemer is definitief ongeschikt om het overeengekomen werk te verrichten, maar kan wel aangepast of ander werk uitvoeren'. De arbeidsarts zal dus zelfs bij een definitieve ongeschiktheid moeten verduidelijken welk werk nog mogelijk is.
- beslissing C: 'het is om medische redenen niet mogelijk een re-integratiebeoordeling te doen, inzonderheid omdat het nog niet duidelijk is of de werknemer tijdelijk dan wel definitief ongeschikt is voor het overeengekomen werk of omdat de werknemer nog behandelingen moet ondergaan alvorens werkhervatting mogelijk is.' Hier is het dus nog niet opportuun om een oordeel te vellen. Omdat deze beslissing vroeger keer op keer genomen werd en zo het traject elke keer verlengde, staat nu in het KB dat het re-integratietraject stopt bij deze beslissing en dat een van de partijen het pas kan heropstarten na 3 maanden.
De arbeidsarts moet beslissen binnen de 49 dagen na de opstart van het traject.
4. Het re-integratieplan of gemotiveerd verslag tot weigering
Bij beslissing A en B moet de werkgever reageren. Bij beslissing A binnen 63 kalenderdagen, en bij beslissing B binnen 6 maanden. Je doet dit nadat je overlegt met de verschillende actoren: je werknemer, de arbeidsarts en alle andere actoren die kunnen bijdragen aan de re-integratie, zoals bijvoorbeeld de GTB of de Terug Naar Werkcoördinator van de mutualiteit (over de vraag wie dat nu ook weer was, vind je hier nog eens alle info).
Er zijn twee mogelijke reacties:
- Je maakt een re-integratieplan op met daarin aangepast werk, waarin je zo goed mogelijk rekening houdt met de aanbevelingen van de arbeidsarts. Je besteedt ook bijzondere aandacht aan het recht op redelijke aanpassingen van de werkplaats voor personen met een handicap.
- Je legt een gemotiveerd verslag neer, waarin je vaststelt dat er geen aangepast werk mogelijk is. Je legt hierin uit waarom dat technisch of objectief onmogelijk is, of om gegronde redenen redelijkerwijze niet kan worden geëist. Uit je verslag moet ook blijken dat je de mogelijkheden om de werkpost aan te passen en/of de mogelijkheid om aangepast of ander werk te voorzien ernstig hebt overwogen.
5. De reactie van je werknemer
Je bezorgt het re-integratieplan aan je werknemer. Die heeft 14 kalenderdagen de tijd om hierop te reageren. Wat zijn de mogelijke reacties?
- Je werknemer aanvaardt het plan.
- Je werknemer weigert het plan en geeft daarbij verplicht de redenen om te weigeren.
- Je werknemer reageert niet. Dan moet je je werknemer nog een keer contacteren. Komt er nog altijd geen reactie? Dan wordt dit beschouwd als een weigering van het re-integratieplan.
Je werknemer kan ook beroep instellen tegen een beslissing B van de arbeidsarts. Hiervoor heeft je werknemer een termijn van 21 kalenderdagen na de beslissing. Je werknemer moet dit aan jou aangetekend melden.
De arts-sociaal inspecteur behandelt dit beroepbinnen de 42 kalenderdagen.
Sinds begin 2026 is de preventieadviseur-arbeidsarts ook verplicht om je werknemer door te verwijzen naar de VDAB (in Vlaanderen) of Actiris (in Brussel). Dit is het geval wanneer je werknemer een beslissing B kreeg, of wanneer het re-integratietraject werd beëindigd; ofwel door jouw motiveringverslag, ofwel omdat je werknemer het re-integratieplan weigerde door de werknemer.
Gratis re-integratiecoaching
Aanvaard je werknemer het plan maar kan hij nog wat ondersteuning gebruiken op de werkvloer? Dan kan je als werkgever in onze sector gebruik maken van het project re-integratiecoaching na langdurige afwezigheid. Een ervaren re-integratiecoach uit de sector biedt op de werkvloer ondersteuning aan werknemers die na een afwezigheid van minstens 3 maanden opnieuw aan de slag gaan. Meer informatie vind je op de website van Vivo.
6. Het collectief re-integratiebeleid
Niet te vergeten: de verplichting om een collectief re-integratiebeleid uit te werken binnen de organisatie. In grotere organisaties moet het CPBW dit re-integratiebeleid jaarlijks evalueren. Geen CPBW? Dan neem je deze evaluatie met de vakbondsafvaardiging (VA) op.
Nieuw sinds 1 januari 2026 is de extra bevoegdheid van het CPBW (of VA bij afwezigheid CPBW): het Comité kan advies geven over de flexibele arbeidsregelingen in de organisatie en de impact ervan op het welzijn van de werknemers.
Tenslotte moet je jaarlijks een document opmaken met geanonimiseerde en geglobaliseerde elementen uit de re-integratieplannen en gemotiveerde verslagen die je hebt opgemaakt. In dit document neem je de redenen op waarom je geen re-integratieplan hebt aangeboden of waarom een re-integratieplan werd geweigerd. Je somt ook de stappen op die je hebt ondernomen om aangepast of ander werk te zoeken voor je werknemer, of om de werkpost aan te passen.
Hier vind je een schematische voorstelling van het RIT 3.0.
Bron
Koninklijk besluit van 17 december 2025 tot wijziging van de Codex over het welzijn op het werk inzake de re-integratie van arbeidsongeschikte werknemers en de preventie van langdurige afwezigheden, Belgisch Staatsblad 30 december 2025.
Koninklijk besluit van 11 september 2022 tot wijziging van de codex over het welzijn op het werk wat het re-integratietraject voor arbeidsongeschikte werknemers betreft, Belgisch Staatsblad 20 september 2022.
Anderen lazen ook dit:
Arbeidspotentieel inschatten: hoe pak je dat aan?
Vanaf 2026 ben je verplicht om het arbeidspotentieel van je arbeidsongeschikte werknemer te laten inschatten. Maar wat betekent dat precies? En hoe pak je dat aan? We leggen het je stap voor stap uit.
Deadline: collectieve planning van feestdagen en vervangingsdagen
Sommige feestdagen vallen op een zondag of een andere inactiviteitsdag in de organisatie (zoals een zaterdag). Als werkgever moet je die feestdagen vervangen door een andere dag in hetzelfde jaar. Dat kun je op verschillende manieren regelen. We vertellen je hoe dat in z'n werk gaat.
Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?
Doe net als +900 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!