Ga verder naar de inhoud

Voorrang deeltijdse werknemers bij vacante betrekking

11.10.2020

Een deeltijdse werknemer geniet op zijn verzoek voorrang voor het krijgen van een vacant geworden voltijdse betrekking in de organisatie. Deze voorrang geldt ook voor andere deeltijdse betrekkingen, al dan niet bijkomende, waardoor hij een nieuwe arbeidsregeling verkrijgt die hoger is dan de deeltijdse arbeidsregeling waarin hij reeds werkte.

Voorrangsregeling deeltijdse werknemers

De voorrang geldt wel enkel voor zover de vacante betrekking met zijn huidige functie overeenstemt en voor zover hij de vereiste bekwaamheden bezit. De appreciatiebevoegdheid hieromtrent ligt bij jou als werkgever.

Om de voorrangsregeling te genieten moet de deeltijdse werknemer schriftelijk een aanvraag bij jou indienen. Je moet de ontvangst van de ingediende aanvraag bevestigen. In die bevestiging vermeld je uitdrukkelijk dat de aanvraag van de werknemer tot gevolg heeft dat je de werknemer op de hoogte zult houden. Je moet de aanvraag van de werknemer en een afschrift van het ontvangstbewijs bewaren.

Na die aanvraag moet je aan die deeltijdse werknemer schriftelijk elke vacante voltijdse of deeltijdse betrekking meedelen die dezelfde functie betreft en waarvoor hij de vereiste kwaliteiten bezit. Dat doe je binnen de maand na de vacant verklaring van de betrekking via een aangetekend schrijven, overhandiging met tekening voor ontvangst of digitaal met ontvangstbevestiging. De deeltijdse werknemer moet dan die betrekking bij voorrang toegewezen krijgen als hij daartoe een aanvraag indient.

De mededeling vermeldt de termijn waarbinnen de deeltijdse werknemer moet reageren (minimum een week en maximum een maand). Daarenboven moet de mededeling minstens volgende gegevens over de vacante dienstbetrekking bevatten:

  • een beknopte beschrijving van de functie
  • de duur van de overeenkomst
  • het arbeidsvolume en werkrooster
  • de plaats van tewerkstelling

Je bewaart een afschrift van de mededeling, in papieren of elektronische vorm, gedurende zeven jaar.

Een deeltijdse werknemer met behoud van rechten die een inkomensgarantie-uitkering ontvangt is verplicht om zo'n aanvraag in te dienen.

Gaat de deeltijdse werknemer vervolgens niet in op de aangeboden vacante betrekking, dan moet je dit meedelen aan het werkloosheidsbureau van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA).

De sectorale cao van 16 december 2019 bepaalt ook dat je als werkgever schriftelijk feedback moet geven aan elke werknemer die vragende partij was voor een nieuwe arbeidsovereenkomst én niet weerhouden wordt. De werknemer moet dan persoonlijk en schriftelijk geïnformeerd worden van de beslissing (en de redenen hiertoe). Ook bij intern sociaal overleg komt de toepassing van deze voorrangsregels op de agenda.

Belangrijk om weten: de sectorale cao van 16 december 2019 inzake de stabiliteit in de arbeidsovereenkomsten bevat een bekendmakingsplicht voor alle vacatures in de organisatie, zodat de werknemers die al in dienst zijn, op de hoogte zijn. Deze bekendmakingsplicht is eenvoudig te volbrengen, door een vacature steeds op intranet te plaatsen, een algemene mailing of nieuwsbrief uit te sturen of alle vacatures steeds op je eigen website te plaatsen. Je kunt de vacatures uiteraard ook ad valvas in de organisatie uithangen.


Responsabiliseringsbijdrage

Wanneer de werkgever de voorrangsregeling niet naleeft, is hij een bijkomende bijdrage van 25 euro per deeltijdse werknemer en per maand die verschuldigd.

De responsabiliseringsbijdrage is dan verschuldigd voor het volledige kwartaal en dit vanaf het kwartaal volgend op de vier kwartalen waarin ten minste één bijkomend uur beschikbaar was en aan geen enkele deeltijdse werknemer bij voorrang het beschikbare bijkomende uur of de beschikbare bijkomende uren werden toegekend.

Deze responsabiliseringsbijdrage is enkel verschuldigd door de werkgever van een deeltijdse werknemer in de maanden waarin deze werknemer een inkomensgarantie-uitkering ontvangt.

De responsabiliseringsbijdrage is niet meer verschuldigd vanaf:

  • hetzij het kwartaal waarin alle beschikbare bijkomende uren werden toegekend aan ten minste één van de werknemers die een inkomensgarantie-uitkering ontvangt;
  • hetzij het kwartaal waarin de werkgever de bijdrage verschuldigd was voor het vierde opeenvolgende kwartaal en er geen enkel bijkomend uur beschikbaar was gedurende deze vier voorgaande kwartalen.

Bovendien moet je als werkgever geen responsabiliseringsbijdrage betalen als je kunt aantonen:

  • dat je geen mededeling van de vacante betrekking moest doen, omdat de vacante dienstbetrekking niet tot gevolg heeft dat de overeengekomen arbeidsregeling wordt verhoogd gedurende een ononderbroken periode van tenminste een maand
  • dat de werknemer niet in aanmerking kwam voor de toekenning van de bijkomende uren omdat het niet ging om dezelfde functie en hij daarvoor niet de vereiste kwalificaties bezat;
  • dat de werknemer niet in aanmerking kwam voor de toekenning van de bijkomende uren omdat het ging om uren die betrekking hebben op prestaties tijdens dezelfde tijdblokken als de prestaties geleverd door de betrokken werknemer;
  • dat de werknemer was tewerkgesteld in een andere vestigingseenheid dan de vestigingseenheid waar de bijkomende uren beschikbaar waren;
  • dat hij aan de betrokken werknemer alle vacante voltijdse en deeltijdse dienstbetrekkingen heeft aangeboden.

Op basis van de gegevens van de RVA, stelt de RSZ een lijst op van de werkgevers die deeltijdse werknemers tewerkstellen:

  • die een inkomensgarantie-uitkering genieten.
  • van wie het arbeidsvolume toegenomen is in het lopende kwartaal ten opzichte van het gemiddelde arbeidsvolume van de vier voorgaande kwartalen;
  • waarvan geen enkele werknemer zijn contractueel gemiddelde wekelijkse arbeidsduur heeft zien toenemen met ten minste één uur in de loop van de vier voorgaande kwartalen.

De responsabiliseringsbijdrage is voor het eerst verschuldigd in het tweede kwartaal van 2020.

Bron: kb van 2 mei 2019 tot uitvoering van de bepalingen van de programmawet van 22 december 1989 die betrekking hebben op de voorrang voor deeltijdse werknemers om een vacante dienstbetrekking bij hun werkgever te verkrijgen, Staatblad 15 mei 2019; artikel 68 programmawet van 25 december 2017, Staatsblad 29 december 2017.

Anderen lazen ook dit:

Een deeltijdse werknemer in een glijdend uurrooster: hoe pak je het aan?

Voor de uren die een deeltijdse werknemer presteert binnen de glijtijdenregeling die sinds 2017 van kracht is, moet je als werkgever geen overloontoeslag betalen. In dit artikel vertellen we je waar je als werkgever op moet letten om een deeltijder met een vast uurrooster te laten glijden.

FAQ: deeltijdse werknemers & glijdend uurroosters

Voor de uren die de deeltijdse werknemer presteert binnen de nieuwe wettelijke glijtijdenregeling moet je als werkgever geen overloontoeslag betalen. De FOD WASO verduidelijkt binnen welke grenzen een deeltijdse werknemer volgens een glijdend uurrooster kan werken en welke gevolgen dit heeft.

Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?

Doe net als +800 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!