Tweejaarlijks analyseverslag genderneutraal loonbeleid
Werken er gemiddeld minstens 50 werknemers in je organisatie? Dan breng je elke twee jaar een analyseverslag uit over de lonen en extralegale voordelen die je toekende. Daaruit blijkt of je organisatie een genderneutraal loonbeleid voert.
De context
Grotere werkgevers* moeten tweejaarlijks een analyseverslag opmaken over de lonen en extralegale voordelen, uitgesplitst volgens geslacht en ingedeeld volgens bepaalde parameters. Dat verslag bespreek je met de ondernemingsraad, of als er geen is, met de vakbondsafvaardiging. Blijkt uit de analyse een loonkloof op basis van gender dan volgt er een actieplan.
* Om te weten of je de drempel van 50 werknemers hebt bereikt bereken je het gewoonlijk gemiddeld aantal werknemers op dezelfde manier zoals je deed om te bepalen of je sociale verkiezingen moest organiseren.
Hoe maak je zo'n analyseverslag op?
Op de website van FOD WASO vind je een modelformulier en de bijhorende toelichting. Afhankelijk van de grootte van je organisatie (berekening zoals voor de sociale verkiezingen) moet je een beknopt of een volledig analyseverslag opmaken.
- Gebruik het beknopt formulier als je gemiddeld minstens 50 maar minder dan 100 werknemers tewerkstelt.
- Gebruik het volledige formulier als je gemiddeld minstens 100 werknemers tewerkstelt.
- Onder ‘boekjaar 1’ vul je de loongegevens in voor het eerste boekjaar waarover dit analyseverslag gaat, onder ‘boekjaar 2’ doe je hetzelfde voor het tweede boekjaar.
- Maakte je naar aanleiding van het vorige verslag voor de twee voorgaande boekjaren een actieplan op? Voeg dan bij het nieuwe verslag een bijlage toe waarin je de uitvoering van dat actieplan toelicht.
Let op: gegevens die na opsplitsing volgens de gevraagde parameters betrekking hebben op niet meer dan drie werknemers noteer je niet in het verslag om te vermijden dat je de privacy van die werknemers schendt.
Wat is de timing?
Het allereerste analyseverslag had betrekking op slechts één boekjaar, nl. het boekjaar afgesloten in 2014. Sindsdien moet het verslag elke twee jaar worden overgemaakt en moet dit de analyse bevatten van de verloningsstructuur van de twee voorbije boekjaren. Je moet dit dus telkens opmaken na het afsluiten van het boekjaar in een even jaar.
Je bespreekt het analyseverslag met de leden van de ondernemingsraad, of als die er niet is, met de vakbondsafvaardiging, binnen de drie maanden na het afsluiten van het tweede boekjaar. Voor de meeste organisaties is dat uiterlijk 31 maart van het volgende jaar.
Minstens 15 dagen voor de vergadering plaatsvindt bezorg je hen het verslag .
Zijn er acties nodig?
Op basis van het analyseverslag oordelen de ondernemingsraad of de leden van de vakbondsafvaardiging in overleg met de werkgever of het aangewezen is om een actieplan op te stellen met het oog op de toepassing van een genderneutrale verloningsstructuur binnen de organisatie.
Komt er een actieplan, dan licht je de uitvoering ervan toe in het volgende analyseverslag voor de volgende periode.
Een bemiddelaar aanstellen
De ondernemingsraad of, als er geen is, de vakbondsafvaardiging kan voorstellen om een werknemer als bemiddelaar aan te stellen. Je kiest vrij of je op dat voorstel ingaat of niet.
De bemiddelaar, die bepaalde competenties heeft en gebonden is door deontologische regels:
- geeft deskundig advies over de wenselijkheid om een actieplan op te maken
- adviseert en helpt bij het opmaken van het voortgangsrapport over de uitvoering van het actieplan
- hoort en informeert werknemers die aangeven dat ze op het vlak van verloning slachtoffer zijn van een ongelijke behandeling op basis van geslacht
- staat de werkgever bij in het concretiseren van de bemiddelingsprocedure
Meer informatie over het analyseverslag en over de bemiddelaar lees je op de website van FOD WASO.
Wat is de sanctie als je geen analyseverslag opmaakt?
Bezorg je geen analyseverslag aan de ondernemingsraad of – bij ontstentenis daarvan – aan de vakbondsafvaardiging, dan loop je het risico op een strafrechtelijke sanctie van niveau 2:
- een strafrechtelijke boete van 50 tot 500 euro, of
- een administratieve geldboete van 25 tot 250 euro
Deze bedragen moet je vermeerderen met opdeciemen, dwz. vermenigvuldigen met 8 (de toepasselijke coëfficiënt sinds 2017).
Bronnen
- Wet van 22 april 2012 ter bestrijding van de loonkloof tussen mannen en vrouwen, Staatsblad 28 augustus 2012.
- Wet van 12 juli 2013 tot wijziging van de wetgeving met betrekking tot de bestrijding van de loonkloof tussen mannen en vrouwen, Staatsblad 26 juli 2013.
- Kb van 25 april 2014 betreffende het analyseverslag van de bezoldigingsstructuur van de werknemers, Staatsblad 15 mei 2014
- Mb van 25 april 2014 tot vaststelling van de modelformulieren die als basis moeten dienen voor het analyseverslag van de bezoldigingsstructuur van de werknemers, Staatsblad 15 mei 2014
- Kb van 25 april 2014 betreffende de bemiddelaar in het kader van de bestrijding van de loonkloof tussen mannen en vrouwen, Staatsblad 21 mei 2016.
Anderen lazen ook dit:
Bereid je voor op de sociale verkiezingen van 2028
De volgende sociale verkiezingen vinden hoogstwaarschijnlijk plaats in mei 2028. Dat lijkt nog ver weg. Maar als het personeelsbestand van jouw organisatie rond de 50 of 100 werknemers ligt dan kan je daar toch best al even bij stilstaan.
Deadline: jaarlijks actieplan voorleggen aan CPBW ten laatste op 31 oktober
Ten laatste op 31 oktober moet je als werkgever elk jaar een jaarlijks actieplan opstellen en voorleggen aan het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk.
Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?
Doe net als +900 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!