Begrotingsakkoord federale regering
Op maandag 24 november sloot de federale regering haar begrotingsakkoord voor de periode 2025-2029. Benieuwd naar de belangrijkste maatregelen voor werkgevers? Je leest het hieronder. Let op: de regering moet de maatregelen nog omzetten in wetgeving. We houden je op de hoogte!
Index
De “centenindex”; een hot topic, maar wat is het nu precies? Op de concrete uitwerking is het nog wachten. Wat we wel al weten is dat er een gedeeltelijke beperking van de toepassing van de indexering van de lonen komt. Voor brutolonen onder 4000 euro bruto per maand verandert er niets. Deze lonen zullen nog altijd automatisch geïndexeerd worden. Maar de brutolonen boven 4000 euro zullen minder snel stijgen door de zogenaamde “centenindex”. Dit houdt in dat op het deel brutoloon boven 4000 euro geen procentuele indexering meer wordt berekend.
Bijvoorbeeld: werknemer X met een brutoloon van 5.000 euro per maand krijgt dezelfde indexstijging in euro’s als iemand met een brutoloon van 4.000 euro per maand.
Let op; de helft van het deel dat je niet moet betalen aan de werknemer, moet je doorstorten naar de federale staatskas.
Deze maatregel is niet structureel. De centenindex zal maximaal twee keer worden toegepast tijdens deze regeerperiode: één keer in 2026 en één keer in 2028.
Ook op uitkeringen – waaronder de pensioenen – die hoger zijn dan 2.000 euro bruto, zal het systeem van de centenindex worden toegepast.
Tenslotte wil de regering de werkbonus verhogen, waardoor het minimumloon vanaf 1 april 2026 stijgt met 50 euro.
Arbeidsovereenkomsten
- De proefperiode werd in 2014 afgeschaft, maar de regering voert die opnieuw in. Zowel de werkgever als de werknemer zullen een arbeidsovereenkomst in de eerste 6 maanden kunnen beëindigen met een korte opzegperiode van één week.
De regering voorziet de invoering in de loop van komend voorjaar. Hoe dan ook geldt de proefperiode alleen voor nieuwe arbeidsovereenkomsten en niet voor lopende overeenkomsten..
- De federale regering heeft het licht op groen gezet voor de uitbreiding van de flexi-jobs naar alle sectoren. Wie vier vijfde werkt kan in het huidig systeem in een beperkt aantal sectoren tot 12.000 euro per jaar bijverdienen zonder belastingen of sociale bijdragen te betalen. Dit plafond wordt opgetrokken naar 18 000 euro en flexi-jobs worden mogelijk in alle sectoren.
Let op; deze uitbreiding zou pas ten vroegste vanaf april 2026 mogelijk worden. Dat betekent dat in onze sector tot op heden flexi-jobs zeer beperkt mogelijk zijn. Zie ook onze FAQ.
De sociale partners kunnen per sector beperkingen afspreken. Zo bestaat de mogelijkheid tot een ‘opt-out’, waardoor flexi-jobs in bepaalde sectoren toch niet mogelijk worden. Ook kunnen de sociale partners het aandeel flexi-jobbers beperken tot een bepaald percentage van het totale arbeidsvolume. Wordt vervolgd!
- Tenslotte komt er een beperking op de opzeggingstermijn bij ontslag door de werkgever tot maximaal 52 weken. Let op, dit zou alleen gelden voor arbeidsovereenkomsten die vanaf 1 januari 2026 worden afgesloten.
Arbeidsduur
Ook in de regelgeving rond arbeidsduur staan er veranderingen op til:
- Ten eerste gaat de zogenaamde 1/3de regel op de schop. De verplichte minimale wekelijkse arbeidsduur van 1/3e van een voltijds uurrooster wijzigt naar 1/10e. Het verbod op arbeidsprestaties van minder dan 3 uur blijft wel behouden.
- De regels rond overuren worden eenvoudiger. In alle sectoren zal het mogelijk zijn om vrijwillig 360 overuren per jaar te presteren. Het systeem zou ingaan vanaf 1 april volgend jaar. Om het eerste kwartaal van 2026 te overbruggen, verlengt de regering het systeem van de vrijwillige relance-uren tot en met maart.
- Tenslotte komt er een annualisering van de arbeidstijd. Dit betekent dat de gemiddelde arbeidstijd over een referentieperiode van één jaar in plaats van per week berekend wordt. Dit zou mogelijk worden voor deeltijdse en voltijdse arbeid, als de betrokken werknemers daarmee akkoord zijn.
Pensioenen
De regering sloot ook een akkoord over de pensioenhervorming.
- Zoals eerder aangekondigd, hervormt de regering het systeem van de pensioenbonus helemaal:
De huidige bonus beloont mensen die langer werkten dan hun vroegste pensioendatum. In de plaats daarvan komt een bonus die mensen pas beloont als ze langer werken dan de wettelijke pensioenleeftijd.
Hoeveel bonus je opbouwt, hangt af van twee factoren: het geboortejaar en het aantal maanden uitstel na de wettelijke pensioenleeftijd.
- Ook komt er een pensioenmalus. De malus is een vermindering van het bruto pensioenbedrag wanneer de werknemer vervroegd met pensioen gaat en niet voldoet aan de voorwaarden:
- 35 jaar loopbaan met minstens 156 effectief gewerkte dagen
én
- 7 020 effectief gewerkte dagen op de volledige loopbaan
De pensioenmalus zou pas vanaf 2027 worden ingevoerd.
- Langdurige arbeidsongeschiktheid zal meetellen als gewerkte dagen om aan deze voorwaarden te voldoen. Er bestond al een akkoord over de gelijkstelling van afwezigheden door zorgverlof, moederschapsverlof en tijdelijke werkloosheid. Tellen niet mee als gelijkgestelde dagen: volledige werkloosheid, SWT en landingsbanen.
- Daarnaast zorgt het akkoord voor duidelijkheid over het eerste loopbaanjaar. Een starter werkt vaak geen 156 dagen in het eerste loopbaanjaar. Volgens de voorwaarden zou dat jaar dus niet meetellen om vervroegd op pensioen te kunnen gaan. Daarom brengt de regering het minimum voor het eerste loopbaanjaar op 104 dagen.
Terug naar werk beleid
Langdurig zieken opnieuw activeren is een speerpunt van de federale regering. 100.000 mensen moeten terug aan de slag. De regering rekent daarvoor op de 4de golf van maatregelen in het kader van het omvattend Terug naar Werk-beleid. Een aantal opvallende maatregelen:
- Een uitbreiding van de solidariteitsbijdrage van de werkgevers. Oorspronkelijk zou deze bijdrage alleen verschuldigd zijn voor de 2de en 3de maand van arbeidsongeschiktheid. De regering breidt deze bijdrage vanaf 1 januari 2027 uit naar de 4de en 5de maand van arbeidsongeschiktheid. Het gaat om de terugbetaling door de werkgever van 30% van de uitkering die de werknemer ontvangt van het ziekenfonds. Dit komt neer op 18% van het brutoloon per maand. De solidariteitsbijdrage is alleen van toepassing op bedrijven met meer dan 50 werknemers, en alleen voor werknemers die tussen de 18 en 55 jaar zijn. De solidariteitsbijdrage is niet meer verschuldigd als de werknemer opnieuw gedeeltelijk aan het werk gaat, ook als dat bij een ander bedrijf is.
- De regering verhoogt de werkhervattingspremie. Werkgevers die langdurig arbeidsongeschikte werknemers minstens drie maanden gedeeltelijk laten terugkeren, krijgen een hogere premie.
Geboorteverlof
Vanaf volgend jaar komt er een extra week geboorteverlof, op te nemen door één van beide partners. De regering doet dit om de combinatie van arbeid en gezin te ondersteunen en op die manier uitval door combinatiestress of problemen te voorkomen.
Losse eindjes
De regering heeft de grote knopen doorgehakt en de hervormingen komen eraan. Toch zijn er nog een aantal losse eindjes.
Zo moet er vanaf 1 januari 2027 een systeem komen om de arbeidstijd te registreren. Dit om in lijn te komen met de Europese verplichting om te voorzien in een registratiesysteem dat ‘objectief, betrouwbaar en toegankelijk’ is. Hier is het nog wachten op de details.
Ook is er nog onduidelijkheid over de opvolger van het Federal Learning Account. De FLA wordt afgeschaft en vervangen door een nieuw en administratief minder belastend systeem.
Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?
Doe net als +900 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!