7 dingen die veranderen in de vrijwilligerswet

zondag 21/04/2019

Op 21 april wijzigde de vrijwilligerswet. Hieronder lijsten we de 7 nieuwigheden op.

1. Verduidelijking positie bestuurders 

Ook vrijwillige bestuurders of personen belast met een vrijwillig mandaat binnen een feitelijke vereniging of rechtspersoon zonder winstoogmerk vallen voortaan uitdrukkelijk onder de vrijwilligerswet. De voorwaarden opgenomen in de vrijwilligerswet moeten natuurlijk wel vervuld zijn, zoals bijvoorbeeld de informatieverplichting en het verbod op het betalen van enige prestatievergoeding (een kostenvergoeding valt hier niet onder) of presentiegeld.

Opgelet: de fiscus neemt nog altijd het standpunt in dat bestuurders aan wie je een forfaitaire kostenvergoeding betaalt, bezoldigde bestuurders en dus  geen vrijwilligers zijn. De betaalde vergoeding is in dat geval dus belastbaar en aan te geven bij de fiscus. .

Uiteraard is ook de nieuwe vzw-wet van toepassing op deze bestuurders. Op de website van Scwitch vind je hier bijkomende informatie over terug.

Meer informatie vind je terug in onze syllabus vrijwilligers (vanaf pagina 5).

2. Kostenvergoeding in plaats van vergoeding 

De wet spreekt niet meer van vergoedingen, maar wel van kostenvergoedingen. Dit om te benadrukken dat het gaat om een kosteloos engagement en dus een loutere terugbetaling van kosten.

3. Wijzigingen verplaatsingsvergoedingen:

Waar de mogelijkheid om een forfaitaire kostenvergoeding en een reële verplaatsingsvergoeding te combineren in principe beperkt is, geldt dat voortaan niet meer voor de vrijwilligersactiviteit  die bestaat uit het regelmatig  vervoeren van personen. Concreet geldt het bestaande plafond van 2.000 kilometer per jaar niet meer voor de  verplaatsingsvergoedingen die betrekking hebben op die activiteit en kan de vrijwilliger deze dus onbeperkt combineren met een forfaitaire kostenvergoeding.

Let op: de limiet van 2 000 km per jaar mag alleen overschreden worden voor de gereden kilometers in het kader van de activiteit van het regelmatig vervoeren van personen. De limiet van 2000 km per jaar geldt dus wel nog altijd  voor de verplaatsingskosten  die de vrijwilliger daarbuiten maakt, bijvoorbeeld in het kader van een andere vrijwilligersactiviteit voor jouw organisatie.

4. Uitbreiding informatieplicht

De organisatie moet de vrijwilliger er voortaan in het licht van zijn taken informeren of hij al dan niet gebonden is door het beroepsgeheim en welke wettelijke rechtvaardigingsgronden eventueel van toepassing zijn. De organisatie moet voortaan ook wijzen op de discretieplicht die voor elke vrijwilliger geldt.

Tip: Gebruik ons modeldocument als basis om deze uitgebreidere informatieverplichting juist te vervullen.

5. Occasionele geschenken (zoals een kerst- of nieuwjaarscadeau) 

De wet erkent voortaan uitdrukkelijk dat  organisaties aan hun vrijwilligers bepaalde geschenken mogen geven, zonder dat deze als kostenvergoeding worden beschouwd of daarop aangerekend worden.

Meer informatie vind je terug in onze syllabus vrijwilligers (vanaf pagina 14).

6. De Hoge Raad voor Vrijwilligers (HRV) wordt opgenomen in de vrijwilligerswet 

Behalve in dringende gevallen, zal elk voorontwerp van wet of ontwerp van KB dat een invloed heeft op vrijwilligerswerk systematisch worden voorgelegd aan de HRV voor advies.

7. Beperking beslag op kostenvergoedingen 

De kostenvergoedingen voor vrijwilligers zijn niet langer vatbaar voor beslag of overdracht. Het gaat immers niet om een prestatievergoeding, maar wel om een terugbetaling van gemaakte kosten. De vrijwilliger kan hier wel afstand van doen zodat de kostenvergoedingen toch beslagbaar of overdraagbaar worden.

Meer informatie kan je terugvinden in de syllabus vrijwilligers.

Bron: Wet 1 maart 2019 tot wijziging van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers en van andere wettelijke bepalingen inzake vrijwilligerswerk, Staatsblad 11 april 2019.