Recht op spontaan outplacementaanbod breidt verder uit

vrijdag 16/11/2018

Vanaf 1 december 2018 hebben meer ontslagen werknemers recht op een spontaan outplacementaanbod van hun werkgever. Dat volgt uit een recente wetswijziging, die de bijzondere outplacementregeling voor 45-plussers met minstens 1 jaar dienst aanpast. Een wetsontwerp schrapt op haar beurt het ‘aanbod op vraag’ waarop bepaalde werknemers vandaag recht hebben in die regeling. 

Ontsla je een werknemer, dan ga je best na of je hem ook een outplacementbegeleiding moet aanbieden. Vóór het eenheidsstatuut was het zo dat alleen ontslagen 45-plussersmet minstens 1 jaar dienst recht hadden op zo’n aanbod.  De wet op het eenheidsstatuut breidde het recht uit naar alle ontslagen werknemers met een opzeggingstermijn of –vergoeding van minstens 30 weken. De oude regeling voor 45-plussers, sindsdien bijzondere regeling genoemd, geldt alleen nog voor ontslagen werknemers met een kortere opzeggingstermijn. Goed om te weten: de toepasselijke regeling bepaalt wanneer je een aanbod moet doen, wat het aanbod moet inhouden en of er al dan niet sancties staan op het niet doen of niet aanvaarden van een aanbod. Meer daarover lees je in onze FAQ outplacement.  

Vanaf 1 december 2018 verruimt het recht op een outplacementaanbod dus opnieuw. Zij het alleen voor werknemers met een opzeggingstermijn of –vergoeding die korter is dan 30 weken waarvoor de bijzondere regeling geldt omdat ze 45+ zijn en minstens een jaar dienst hebben.

 

Wat is er nieuw in de bijzondere regeling vanaf 1 december 2018?

De wet past de werknemerscategorieën aan die pas recht hebben op een aanbod nadat zij er uitdrukkelijk om vragen. Concreet zijn er vanaf 1 december 2018 minder werknemers die om een aanbod moeten vragen vooraleer ze er recht op hebben. En moet je als werkgever dus vaker spontaan outplacement aanbieden in de bijzondere regeling.

Hieronder geven we je een overzicht van de werknemers in onze sector waaraan je het outplacementaanbod niet spontaan doet, maar alleen als zij daar uitdrukkelijk om verzoeken met een aangetekende brief, binnen twee maanden na kennisgeving van het ontslag:

 

Outplacement voor werknemers die je ontslaat met < 30 maanden opzegtermijn of –vergoeding, leeftijd 45+ en ≥ 1 jaar dienst

Vóór 1 december 2018 alleen aanbod op vraag voor…

Vanaf 1 december 2018  alleen aanbod op vraag voor …

werknemers die minder dan halftijds werken

werknemers die minder dan halftijds werken

werknemers die met SWT/brugpensioen gaan

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor werknemers die met SWT/brugpensioen gaan in het stelsel voor ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering is bijkomend vereist dat zij de leeftijd van 58 jaar of een beroepsverleden van 38 jaar hebben aan het einde van de opzegtermijn zonder verlengingen of aan het einde van de periode gedekt door de verbrekingsvergoeding.

 

werknemers die op basis van medische redenen met swt gaan

werknemers die met swt gaan in het in het algemeen stelsel van cao nr. 17 + 62 jaar oud zijn of 42 jaar beroepsverleden hebben aan het einde van de theoretisch opzeggingstermijn* of aan het einde van de periode gedekt door de theoretische verbrekingsvergoeding.

Werknemers die met swt gaan in het stelsel voor zware beroepen of zeer lange loopbaan, + 62 jaar oud zijn of 40 jaar beroepsverleden hebben aan het einde van de theoretisch opzeggingstermijn* of aan het einde van de periode gedekt door de theoretische verbrekingsvergoeding.

werknemers die met swt gaan in het stelsel voor ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering + 62 jaar oud zijn of 40 jaar beroepsverleden hebben aan het einde van de theoretisch opzeggingstermijn* of aan het einde van de periode gedekt door de theoretische verbrekingsvergoeding.

alle andere werknemers die minstens 58 jaar oud zijn of een beroepsverleden van minstens 38 jaar hebben aan het einde van de opzeggingstermijn zonder verlengingen, of aan het einde van de periode gedekt door de verbrekingsvergoeding.

alle andere werknemers die minstens 62 jaar oud zijn of 42 jaar beroepsverleden hebben aan het einde van de theoretisch opzeggingstermijn(*) of aan het einde van de periode gedekt door de theoretische verbrekingsvergoeding

werknemers die werken binnen een doorstromingsprogramma.

werknemers die werken binnen een doorstromingsprogramma.

 

(*)de theoretische opzeggingstermijn van een bediende is de opzeggingstermijn berekend zoals de wet dit voorschrijft, zonder rekening te houden met schorsingen of gunstigere overeenkomsten.  De theoretische opzeggingstermijn van een arbeider is de opzeggingstermijn in weken berekend zoals de wet dit voorschrijft voor arbeidsovereenkomsten met startdatum na 1 januari 2014 of de verkorte opzegtermijn bij ontslag met het oog op een swt voor ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering, zonder rekening te houden met schorsingen of gunstigere overeenkomsten.

 

Voor welke ontslagen geldt deze nieuwe regeling concreet?

De nieuwe regeling geldt concreet voor alle ontslagen die je als werkgever betekent vanaf 1 december 2018. De derde werkdag na verzending van de aangetekende opzegbrief is bepalend. Bij verbreking is dat de datum van kennisgeving of de datum van verzending van de verbrekingsbrief bepalend.

Ontsla je een werknemer met het oog op een swt in het stelsel voor ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering? Dan geldt de nieuwe regeling als de erkenningsperiode op of na 1 december 2018 start.

 

In de toekomst: geen aanbod meer, ook niet op vraag?

Het is goed mogelijk dat de werkgever binnenkort aan de hierboven vermelde categorieën van werknemers helemaal geen outplacementaanbod meer zal moeten doen, zelfs niet wanneer zij er uitdrukkelijk om vragen. Dat blijkt uit een wetsontwerp dat is ingediend in de Kamer. De mogelijkheid om op vraag toch een aanbod te krijgen zou alleen behouden blijven voor de werknemers die minder dan halftijds werken. Wordt vervolgd…

 

 

Bron:

  • Kb van 15 oktober 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 21 oktober 2007 tot uitvoering van artikel 13, § 3, 2°, van de wet van 5 september 2001 tot de verbetering van de werkgelegenheidsgraad van de werknemers en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van artikelen 7 en 9 van de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008, Staatsblad 29 oktober 2018.
  • Wetsontwerp houdende diverse arbeidsbepalingen.