Ga verder naar de inhoud

Beperkte solidariteitsbijdrage voor studenten: staven met bewijs van inschrijving

28.08.2020

Stelt jouw organisatie jobstudenten tewerk waarvoor je een beperkte solidariteitsbijdrage betaalt? Dan moet je dat voortaan extra staven met een bewijs van inschrijving van een (hoge)school of universiteit. Dat laat de RSZ weten in haar administratieve instructies van het eerste kwartaal.

Waar gaat het concreet over?

In principe zijn op de prestaties van een student gewone socialezekerheidsbijdragen verschuldigd. Er moeten voor hen dus ook socialezekerheidsbijdragen betaald worden, zoals voor 'gewone' arbeiders en bedienden.

Onder bepaalde voorwaarden is er enkel een beperkte solidariteitsbijdrage (5,42% ten laste van de werkgever en 2,71% ten laste van de werknemer/student) verschuldigd, namelijk als de student in kwestie voor de studentenjob werkt:

  • met een studentenovereenkomst
  • maximum 475 arbeidsuren per kalenderjaar
  • tijdens periodes van niet-verplichte aanwezigheid op school

De laatste instructies van de RSZ voegen een belangrijke verplichting voor de werkgever toe wanneer de student onder toepassing van de solidariteitsbijdrage wil werken. Zo moet je het bewijs kunnen voorleggen dat de jongere effectief het statuut van student heeft. Je moet deze gegevens niet spontaan aan de RSZ bezorgen, maar in geval van discussie moet je als werkgever kunnen aantonen dat het wel degelijk om een student gaat.

Dat bewijs zal minstens een bewijs van inschrijving van een (hoge)school of universiteit voor het lopende school- of academiejaar moeten zijn. Een kopie van de studentenkaart of, zoals tot nu toe vaak werd toegepast, een verklaring op eer van de student is dus niet voldoende.

Wat gebeurt er wanneer je student in de loop van het jaar afstudeert?

Voor een student die in juni zijn studies beëindigt en zijn diploma behaalt, aanvaardt de RSZ dat hij nog tot 30 september van dat jaar kan werken met toepassing van de solidariteitsbijdrage.

Dit geldt echter alleen als het gaat om een tewerkstelling die sociaal gezien de kenmerken van studentenwerk heeft. Er wordt dus zeker niet aanvaard dat men voor iemand de solidariteitsbijdrage toepast, wanneer het in feite gaat om een verdoken proefperiode van een gewone arbeidsovereenkomst. Daar is dus niets aan veranderd.

Wat met studenten die nu al voor mijn organisatie werken?

Aangezien deze nieuwe verplichting werd opgenomen in de administratieve instructies van het eerste kwartaal 2020, is het aan te raden om voor alle studenten die tewerkgesteld worden met toepassing van de solidariteitsbijdrage een inschrijvingsbewijs op te vragen. Ook voor de lopende studentenovereenkomsten, om bewijsperikelen in geval van een controle te voorkomen.

Bron:

RSZ - administratieve instructies - kwartaal 1 2020


Anderen lazen ook dit:

Sociaal akkoord krijgt uitvoering in NAR-cao's

Vorige maand kwamen de sociale partners tot een akkoord over een heel deel maatregelen: van landingsbaan tot minimumlonen. Deze princiepsakkoorden moesten nog in regelgevende teksten gegoten worden. Nu heeft de NAR zijn huiswerk klaar: een reeks cao's werd deze week gepubliceerd.

De cao's nr. 150 tot nr. 159 werden deze week afgesloten. In dit artikel lijsten we de verschillende maatregelen kort op, waarna wordt doorverwezen naar de uitgebreide analyse van onze collega's bij Unisoc.

Verenigingswerk: toepassingsgebied uitgebreid naar 2 socioculturele activiteiten

De kamer heeft op 15 juli 2021 een wijziging met betrekking tot de tijdelijke regeling voor verenigingswerk goedgekeurd. De tijdelijke regeling voor verenigingswerk wordt vanaf 8 mei 2021 uitgebreid naar 2 socioculturele activiteiten: artistiek of kunsttechnisch begeleider & opleidingsverstrekker over maatschappelijke thema's.

Komaf maken met jouw kopzorgen rond het inzetten van personeel?

Doe net als +800 socioculturele collega-organisaties, en sluit je vandaag nog aan bij Sociare!